Schadevergoeding vorderen na een misdrijf

Voor slachtoffers van een geweldsmisdrijven zijn er verschillende mogelijkheden om (een deel van) hun schade vergoed te krijgen. Wij merken dat de verschillende mogelijkheden en de daarbij horende procedures voor veel van onze cliënten verwarrend zijn. Daarom zetten we ze hier op een rij. Ook leggen we uit wat voor soorten schade er zijn. Tot slot vermelden we wat u zelf kunt doen om een vordering tot schadevergoeding goed te onderbouwen.

 

Voegen: het vorderen van schadevergoeding binnen de strafzaak

In de eerste plaats is het mogelijk om binnen de strafprocedure een vordering tot schadevergoeding in te dienen; dit heet 'voegen als benadeelde partij'. U vordert dan een schadevergoeding van de verdachte. Uw advocaat stelt deze vordering in overleg met u op, en gebruikt hiervoor informatie en documenten die u aandraagt (zie verder). U hoeft dus niet het formulier dat u van het Openbaar Ministerie krijgt in te vullen. Krijgt u zo’n formulier, neem dan contact op met uw advocaat.

In de strafprocedure kan zowel materiele als immateriële schade worden gevorderd (zie verder voor een uitleg).

Als de rechtbank de schadevergoeding toekent, wordt daaraan meestal een schadevergoedingsmaatregel gekoppeld. Dat betekent dat justitie de schadevergoeding gaat innen bij de verdachte. Dat gaan ze doen als de uitspraak onherroepelijk is. Als er hoger beroep wordt ingesteld is dat dus pas na de uitspraak in hoger beroep (en eventueel cassatie). Wanneer de verdachte niet binnen 8 maanden nadat de uitspraak onherroepelijk is betaalt, schiet de staat (justitie) het toegewezen bedrag aan u voor. Justitie betaalt u dan, en blijft vervolgens proberen het bedrag bij de verdachte te incasseren. Hierbij wordt het bedrag dat u mogelijk van het Schadefonds Geweldsmisdrijven heeft ontvangen wel verrekend, zie verderop.

Voorwaarde voor het vorderen van een schadevergoeding binnen de strafprocedure is dat de vordering die strafprocedure niet teveel mag belasten. Vorderingen voor ingewikkelde schades, of schades waarbij niet meteen duidelijk is in hoeverre ze door het misdrijf zijn veroorzaakt, kunnen in de strafzaak niet ontvankelijk verklaard worden. Dat gebeurt vaak bij vorderingen wegens inkomensschade. Soms wordt ook een deel van de vordering tot smartengeld niet ontvankelijk verklaard.

 

Civiele procedure

Wanneer het gaat om ingewikkelde schades, of als er veel discussie is over de precieze oorzaak van de schade, is het niet altijd mogelijk om de (gehele) schade binnen de strafprocedure vergoed te krijgen. In dat geval kan het zinvol zijn om naast of in plaats van een voeging een aparte civiele procedure te starten.
Voordeel is dat u de volledige schade kunt vorderen, en er meer ruimte is om deze in de procedure te onderbouwen (bijvoorbeeld door deskundigen-onderzoek). Nadeel is dat er kosten verbonden kunnen zijn aan de procedure, dat u een proces-risico loopt (de kans om in de kosten van de wederpartij te worden veroordeeld als u de zaak verliest) en dat u een toegewezen schadevergoeding zelf moet gaan innen bij de andere partij. En dan geldt: van een kale kip valt niet te plukken.
Als er in uw zaak aanleiding is om een civiele procedure te overwegen zal uw advocaat de voor- en nadelen hiervan met u bespreken.

 

Schadefonds Geweldsmisdrijven

Een derde mogelijkheid om een zekere vergoeding te krijgen is het doen van een aanvraag bij het Schadefonds Geweldsmisdrijven. Dit fonds doet uitkeringen aan slachtoffers van (ernstige) gewelds- en zeden-misdrijven. Het fonds betaalt niet de daadwerkelijke schade, maar doet een forfaitaire uitkering op basis van de aard van het letsel. Zie voor meer informatie en de 'letsellijsten' de website www.schadefonds.nl.

Een uitkering bij het Schadefonds kunt u zelf aanvragen. Zie https://schadefonds.nl/ik-ben-slachtoffer/aanvraagformulier-slachtoffer/. Het doen van een aanvraag bij het Schadefonds valt niet binnen de werkzaamheden die in het kader van de gefinancierde rechtsbijstand door een slachtofferadvocaat worden vergoed. Vanzelfsprekend kunnen we korte vragen van u over de aanvraag beantwoorden. Als u het formulier echt samen met iemand wilt invullen kunt u terecht bij Slachtofferhulp Nederland.

Het Schadefonds beslist over het algemeen binnen een half jaar, en betaalt een toegekende uitkering dan ook meteen uit. Bij een uitkering aan een minderjarige wordt 80% van het uitgekeerde bedrag op een rekening gezet waar het kind zalf vanaf zijn of haar 18e bij kan; 20% gaat naar de verzorgers.

Het is belangrijk dat u uw advocaat informeert wanneer het Schadefonds een beslissing heeft genomen. Dat is van belang in verband met de eventuele andere vorderingen die worden ingediend.
Als u het niet eens bent met de beslissing van het Schadefonds kan uw advocaat namens u bezwaar maken tegen de beslissing. Ook daarvoor is het nodig dat u de beslissing direct nadat u deze ontvang aan uw advocaat stuurt.

 

Verrekening vordering en uitkering Schadefonds

U kunt zowel een aanvraag bij het Schadefonds doen als een vordering instellen (in de strafzaak of civiel). Omdat het niet de bedoeling is dat u een hogere vergoeding krijgt dan de schade die u heeft geleden kan er verrekend worden. Als u al een schadevergoeding van de dader heeft ontvangen op het moment dat u een aanvraag doet bij het Schadefonds moet u dat op het formulier vermelden. Daar kan dan bij de beoordeling van de aanvraag rekening mee worden gehouden.

Als justitie een in de strafzaak toegekende schadevergoeding voor u gaat innen, informeren ze bij het Schadeonds of u een uitkering heeft gehad, en of het geincasseerde bedrag daarmee geheel of gedeeltelijk moet worden verrekend. Dat kan betekenen dat u door justitie geen of een lager bedrag krijgt uitbetaald. U hoeft niet terug te betalen aan het Schadefonds.

Als u buiten de inning door justitie om later een schadevergoeding van de dader ontvangt (bijvoorbeeld na een civiele procedure) moet u dat melden bij het Schadefonds. Het fonds beslist dan of u alsnog (een deel van de) verstrekte uitkering aan het fonds moet terugbetalen.

 

Soorten schade

Bij de schade die bij de vordering in een strafzaak of in een civiele procedure voor vergoeding in aanmerking kan komen kan het gaan om:

Door of voor het slachtoffer gemaakte kosten
Hierbij valt te denken aan medische kosten, waaronder ook de eigen bijdrage; therapiekosten, reiskosten voor bezoeken aan hulpverlening, advocaat, rechtszitting, kosten van beschadigde kleding, kosten van hulpverlening/thuiszorg, extra telefoonkosten. Ook extra studiekosten wegens studievertraging worden soms vergoed.
Alleen de kosten van het slachtoffer zelf komen voor vergoeding in aanmerking. Dat zijn de kosten die door het slachtoffer zijn betaald, en de kosten die door anderen (bijvoorbeeld ouders) zijn betaald ten behoeve van het slachtoffer. Dat heet verplaatste schade. Daaronder vallen wel de medische kosten voor het slachtoffer, en de reiskosten ten behoeve van het slachtoffer (ook om het slachtoffer te bezoeken), maar niet de kosten van hulpverlening van de ouders, of de reiskosten om die hulpverlening te bezoeken. Uw advocaat zal met u bespreken welke kosten wel en niet gevorderd kunnen worden.

Gederfde inkomsten / verlies aan verdienvermogen
Indien u ten gevolge van de mishandeling arbeidsongeschikt bent geworden en daardoor inkomen bent misgelopen (dit kan ook gaan om gemiste toeslagen of fooien) kan dat ook gevorderd worden.  Inkomensverlies van anderen (zoals de ouders) komt in beginsel niet voor vergoeding in aanmerking. Wel kan soms een vergoeding gevraagd worden voor de tijd die ouders hebben besteed aan (extra) zorg, nl. wanneer het zorg is die anders door een professional geleverd zou moeten worden. Overleg met uw advocaat of dat in uw zaak aan de orde is.

Smartengeld/immateriële schade
Slachtoffers van zeden- en ernstige geweldsmisdrijven hebben doorgaans ook letsel: psychisch en/of lichamelijk. Voor deze letselschade kan een immateriële schadevergoeding gevorderd worden, het zogenaamde smartengeld. Dat is een vergoeding voor geleden pijn, gederfde levensvreugde en psychische en/of lichamelijke beperkingen ten gevolge van het letsel. Bij de vaststelling van de hoogte van het smartengeld wordt in de praktijk gekeken naar de ernst van het letsel, maar ook naar de ernst van het feit. Er wordt vaak aansluiting gezocht bij bedragen die in vergelijkbare zaken zijn toegekend.
In Nederland zijn de vergoedingen voor smartengeld relatief laag. In overleg met u kan uw advocaat ervoor kiezen om dat aan de orde te stellen, en een hogere vergoeding te vragen dan in andere zaken is opgelegd. U moet er dan wel rekening mee houden dat de vergoeding (veel) lager kan uitpakken dan wat is gevorderd.

 

Wat kunt u doen?

Om een vordering tot schadevergoeding te kunnen onderbouwen heeft uw advocaat informatie van u nodig.

Dan gaat het om betalingsbewijzen van kosten die u heeft gemaakt. Van sommige kosten zult u geen bewijzen hebben; dan is het van belang een gespecificeerd overzicht te maken. Dat geldt bijvoorbeeld voor reiskosten: houdt een lijstje bij op welke datum u waar geweest bent, waarvoor, hoeveel km u heeft gereisd en hoeveel u aan parkeerkosten heeft betaald. Als u met het openbaar vervoer reist kunt u het overzicht van uw reizen downloaden.

Bewaar ook de nota’s van zorgverleners, en de overzichten van uw zorgverzekering met welke kosten wel en niet zijn vergoed. Ter onderbouwing van eventuele studievertraging is het van belang te beschikken over voortgangsgegevens van de studie (voor en na misdrijf), en bewijsstukken van collegegeld en opgebouwde schuld.

Als u inkomensschade heeft is het belangrijk informatie te hebben over uw inkomen voor en na het misdrijf, onderbouwd met zoveel mogelijk stukken.

Ter onderbouwing van de letselschade is het belangrijk om te weten welk letsel door deskundigen (artsen, therapeuten) is vastgesteld. Maak een lijst met de namen en adressen van de hulpverleners die betrokken zijn geweest (dat is ook nodig voor een aanvraag bij het Schadefonds) en vraag bij hen het dossier op. De brieven die door hulpverleners aan de huisarts worden gestuurd bij de aanvang en de afsluiting van een behandeling bieden vaak een goede basis. Uw advocaat zal in overleg met u bekijken of er meer informatie nodig is, en die zo nodig (met machtiging van u) opvragen bij de hulpverlener.

Voor de onderbouwing van de letselschade is het ook van belang om te beschrijven wat de gevolgen van het misdrijf voor uw dagelijks leven zijn. Welke klachten heeft u, wat doet u niet meer wat u vroeger wel deed, wat is de impact op uw relaties met anderen. Wij adviseren u dit af en toe eens op te schrijven. Op het moment dat de vordering wordt opgesteld kunt u dit terug lezen, en een lijst maken met de gevolgen, en hoe die zich in de tijd hebben ontwikkeld.

Uw advocaat heeft de gegevens nodig op het moment dat de vordering opgesteld wordt. Maar het is beter om al eerder te beginnen met verzamelen.

 

© Van Kempen c.s. Advocaten 2018

Van Kempen c.s. Advocaten

Contactgegevens

Van Kempen c.s. Advocaten
Postbus 10282
1015 AD Amsterdam
T: 020-6385150
F: 020-6208621

Bezoekadres:
Singel 104
1001 CC Amsterdam
Routebeschrijving >